Werking 2
De werking van een brandstofcel is eenvoudig. In plaats van warmte, die via een generator wordt omgezet in elektriciteit, wordt in de brandstofcel direct elektriciteit geproduceerd. Tussen twee elektroden bevindt zich een geleidend elektrolyt (zie onderstaande figuur). Waterstof wordt langs de (negatieve) anode geleid, zuurstof langs de (positieve) kathode. Aan de anode treedt een chemische reactie op, waarbij elektronen en ionen geproduceerd worden. Deze elektronen worden buitenom naar de kathode geleid en vormen een elektrische stroom die nuttig gebruikt kan worden. De ionen bewegen door de elektrolyt eveneens naar de kathode, waar samen met de elektronen en zuurstof water wordt gevormd. De brandstofcel converteert dus chemische in elektrische energie en daarbij wordt tevens warmte geproduceerd.
Het grote verschil met andere vormen van energieopwekking bestaat hieruit dat een brandstofcel geen gebruik maakt van verbranding noch van een stoom-watercyclus (zoals gebruikelijk is bij elektriciteitsopwekking) of een gasturbine. Het rendement van zo’n stoom-watercyclus wordt gelimiteerd door het zogenaamde Carnot-rendement. Dit is bij een brandstofcel dus niet het geval, waardoor hogere rendementen gemakkelijk gehaald kunnen worden.

Werkingsprincipe van een brandstofcel: waterstof wordt tot H 2O omgezet, waarbij een spanningsverschil optreedt tussen anode en kathode
Omgekeerde elektrolyse
In feite vindt in een brandstofcel dus omgekeerde elektrolyse plaats: waterstof en zuurstof (meestal uit de lucht) worden direct omgezet in warmte, elektriciteit en water. Dit gebeurt in principe stil, schoon, emissieloos en geluidloos. Een brandstofcel levert in de praktijk een spanning van circa 0,6‑0,8 V. In feite kan een brandstofcel gezien worden als een batterij die constant elektriciteit levert zolang waterstof wordt toegevoerd. Het rendement van de omzetting is circa 65%.
Typen brandstofcellen
Op dit moment worden vijf typen brandstofcellen onderscheiden al naar gelang het type elektrolyt en de temperatuur waarop de cel werkt:

Voor- en nadelen
Elk van deze typen brandstofcellen heeft specifieke voor- en nadelen.
|
Type |
Anode |
elektrolyt |
kathode |
voordelen |
|
AFC |
Nikkel met zilver katalysator |
kaliumhydroxide oplossing |
nikkel met zilver katalysator |
eenvoudig, nadeel is CO2 intolerant |
|
PAFC |
Koolstof met platina katalysator |
fosforzuur, vastgehouden in een poreuze matrix |
koolstof met platina katalysator |
commercieel verkrijgbaar maar rendement niet geweldig, levensduur nog niet hoog en te duur |
|
MCFC |
nikkel/chroom |
een mengsel van gesmolten carbonaatzouten vastge-houden in een poreuze matrix |
nikkeloxide/ lithiumoxide |
lage prijsvooruitzichten echter duur, hoge-temperatuur restwarmte |
|
SOFC |
nikkel op een keramische drager (zirconium-oxide) |
keramisch materiaal (yttrium gestabiliseerd zirconiumoxide) |
keramisch materiaal (lanthaan strontium manganaat) |
productieproces duur, hoge levensduurverwachting, combinatie met gasturbine leidt tot 70% rendement |
|
SPFC |
koolstof met platina katalysator |
protonengeleidend kunststof membraan |
koolstof met platina katalysator |
eenvoud voor waterstofsystemen, |
Serieschakeling
De spanning van een enkele brandstofcel is veel te laag om praktisch bruikbaar te zijn. Daarom worden cellen in serie geschakeld, zoals ook bij batterijen gebruikelijk is. In de praktijk worden de meeste brandstofcellen geproduceerd in de vorm van een vlakke-plaat en gestapeld tot een brandstofcelstapeling of “stack” (zie onderstaande figuur). Een dergelijke stack heeft een vermogen van 3 tot 250 kW, afhankelijk van het aantal cellen (bepalend voor de stackspanning) en het werkzaam oppervlak van de stack (bepalend voor de stackstroom).